Gastblog Harold Janssen – Bull shit jobs

Het lijkt me vreselijk. Je kijkt in de spiegel en denkt: ik heb een bull shit job. Ineens dringt het tot je door: “Wat ik doe de godganselijke dag is volstrekt overbodig. Die dingen die ik aan de man moet brengen? Daar zit nou werkelijk niemand op te wachten. Ja, de aandeelhouder. Om er geld mee te verdienen. Maar de samenleving? Die schiet er echt niks mee op”.

Volgens de in het najaar van 2020 overleden Amerikaanse antropoloog David Graeber moet meer dan een derde van de mensen met een baan zo ongeveer over zijn of haar werk denken. Als je ze vraagt in de spiegel te kijken dan. PR-functionarissen, marketingmanagers, economen, deurwaarders, bureaucraten belast met aanbestedingsprocedures. Om maar wat te noemen.

Wat zou het een zegen zijn om die mensen te kunnen vragen zichzelf overbodig te maken… Voor henzelf natuurlijk in de eerste plaats, zodat ze zichzelf niet meer elke dag belangrijker hoeven te maken dan ze zijn, om zich groot te hoeven houden. Voor het milieu ook; er hangen veel overbodige verplaatsingen, grondstoffen en emissies mee samen. Maar ook bijvoorbeeld voor degenen die ze van hun werk zitten te houden. Mensen die wel nuttige dingen zitten te doen.

Althans, naar hun eigen oordeel dan. Zoals mensen op de IC, verplegenden in het algemeen, brandweermannen, verloskundigen, politieagenten, maatschappelijk werkers, leerkrachten. Mensen met een beroep met een flinke sociale dimensie, die heimelijk naar die banen van de andere soort verwijzen in termen van: dagbesteding hoger opgeleiden.

Ergens is het ook wel logisch. Stel, je bent opbouwwerker. Stel, je vindt jezelf overbodig. Dan ga je natuurlijk op zoek naar een dagbesteding in de eerste categorie. Daarom wordt daar ook meer verdiend. Zou dat niet zo zijn, dan zou omgekeerd iedereen wel opbouwwerker willen worden. Dat kunnen we niet hebben, natuurlijk. Want wie stelt er dan nog kritische vragen over nut en noodzaak van het opbouwwerk?

Ondanks dit evidente nadeel zou ik dit idee toch eens serieus willen onderzoeken. We geven iedereen een inkomen en de opdracht te streven naar de eigen overbodigheid. De mensen uit de eerste categorie hebben een makkie. Zo klaar. Niks doen echter vinden verreweg de meeste mensen geen optie, zo blijkt. Die gaan dus zoeken naar een nuttige bijdrage aan de samenleving, naar iets met een sociale component.

Wie weet wat er dan gebeurt? Dan zijn er misschien wel zoveel opbouwwerkers dat iedereen het in de helft van de tijd ook wel afkan. Dan hou je dus tijd over. En daar moet je dus weer een nuttige besteding voor vinden. Dan kijk je om je heen, naar je buurt, en denk je: “Waar ben ik goed in?” Juist. Binnen de kortste keren valt er niks meer op te bouwen. Alles al gedaan.

Nee, de wereld zit niet voor niks zo in elkaar als-ie in elkaar zit. Leve de mensen die hun leven offeren aan de bull shit job. Daarom hebben we allemaal werk.

Harold Janssen
oktober 2020

Harold Janssen is expert in Rijnlands organiseren. Vooral na zijn boek ‘De Hark Voorbij’ over Rijnlands organiseren, waarin hij betoogt dat er nog een hele georganiseerde wereld is waarin organisaties maar zeer ten dele iets in te zoeken hebben, is hij nog meer gefascineerd geraakt door wat er gebeurt in het publieke domein, met name in het welzijnswerk. In zijn zoektocht naar de samenhang tussen de manier waarop wij de kleine samenleving organiseren, hoe wij dat doen in organisaties en hoe maatschappij en economie zijn vormgegeven, is hij ook een paar maal met Versa Welzijn in contact gekomen. Hij heeft zelfs een dag stagegelopen in Hilversum, wat een zeer verhelderende ervaring was.